Ceramix

 

Keramieksculpturen

 

 

Bonnefantenmuseum Maastricht, winter 2015-16

 

 

 

 

                                                                                     Kop van De Balzac door Auguste Rodin, 1903

 

 

 

Het woord keramiek is afgeleid van het Griekse keramos dat zowel leem, pottenbakkersklei als aardewerk betekent. Voorwerpen gemaakt van gebakken klei waren vanouds functioneel of bedoeld voor decoratie. Kunstenaars gebruikten klei in hun leertijd hoogstens als oefen- en schetsmateriaal. Daar is ruim een eeuw geleden langzaam een kentering in gekomen, keramiek bleek bijvoorbeeld bij uitstek een medium waarin beeldhouwen en schilderen samen konden komen. Zo probeerde Rodin met het kleuren van keramiek de kleurschakeringen van bronspatinering uit.

 

In de loop der tijd kwamen er zowel kunstenaars voor wie keramiek het belangrijkste medium was/is waarin ze werk(t)en, als kunstenaars die het medium af en toe gebruik(t)en. Ter gelegenheid van het twintigjarig bestaan van het Bonnefantenmuseum in Maastricht, dat gebouwd is op de plaats waar ooit de Société Céramique gevestigd was, gaf het museum een grote overzichtstentoonstelling van het gebruik van keramiek in de kunst in afgelopen 100 jaar.

 

 

 

 

                                   Grès cérame: kop van een Javaan door Joseph Mendes da Costa, 1898 (niet op de expositie)

 

Gemis

 

De expositie is georganiseerd in samenwerking met de Franse instanties Cité de la céramique (Sèvres) en la Maison Rouge (Parijs), gastconservatoren waren Camille Morineau en Lucia Pesapane. Dat klinkt door in de geringe vertegenwoordiging van Nederlandse namen, opvallend voor een expositie die zijn premiere beleefde op Hollandse bodem.

 

De NRC schrijft op 1 december 2015 in een recensie over de tentoonstelling: “Het was bij de Franse avant-gardes dat de keramische sculptuur ontstond.” Daarmee wordt de Nederlandse beeldhouwer en keramisch pionier Joseph Mendes da Costa verloochend. Eind 19e eeuw, begin 20e eeuw raakte Mendes onder andere bekend door zijn ‘bakplastieken’ (term uit die tijd) met taferelen uit het dagelijks leven. Hij bouwde in 1898 een oven waarmee hij op hoge temperatuur kon bakken en zijn werk in grès cérame, waarvoor hij veel experimenteerde, heeft een belangrijke plek verworven in de Nederlandse geschiedenis van de beeldhouwkunst.

 

Van de vorige en huidige Nederlandse generatie beeldhouwers die werk(t)en in keramiek, zijn David Vandekop en Adriaan Rees opmerkelijke afwezigen.

 

 

 

 

 

 

Naast de tentoonstelling werd enig werk getoond van kunstenaars/ontwerpers die ooit in dienst waren van de keramische fabrieken in Maastricht. Boven het beeldje Abraham van Rob Stultiens (1922-2002) voor Astra, atelier voor kunstkeramiek (bestaansperiode 1938-1954). Stultiens trad er tijdens de Tweede Wereldoorlog in dienst om aan de Arbeitseinsatz te ontsnappen. Hij kreeg de status ‘economisch onmisbaar’ en kon zo tot het einde van de oorlog in Maastricht blijven.

 

 

 

 

                                       Femme door Joan Miró, 1956

 

 

 

                                  La branche door Fernand Léger, ca 1952

 

 

 

 

                                            Basler Maske door Thomas Schütte, 2014

 

 

Deze webpagina’s tonen een selectie uit de ongeveer 250 werken op de tentoonstelling.

 

 

 


 

 

 

 

 

Startpagina Buitenbeeldinbeeld

 

 

Startpagina Ceramix