Karakters uit de Camera obscura

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hildebrandmonument door Jan Bronner, 1914-1948-1962

 

 

 

 

                                                                                                          Hildebrand en oom Stastok

 

Camera Obscura

 

Nicolaas Beets schreef in 1839 onder het pseudoniem Hildebrand het boek de Camera Obscura. In het boek wordt in verschillende verhalen de burgerlijkheid op de hak genomen, het werd een van de meest gelezen negentiende-eeuwse boeken. Ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van Beets werd in 1914 een wedstrijd uitgeschreven voor een Hildebrand-monument en Jan Bronner won met een ontwerp van een achtkantige fontein. Op iedere hoek was een beeld gedacht van een figuur uit het boek:

 

                           Buikje; de dikke Mr. Hendrik Johannes Bruis uit ‘Hoe warm het was en hoever’,

                           Teun de Jager; de man die per ongeluk zijn geliefde doodschoot

 

                           Robertus Nurks; verre neef van Hildebrand, criticaster en ‘onaangenaam mensch’

                           Pieter Stastok sr; oom van Hildebrand ,‘burgerlijk en van een vroeger eeuw’

                           Keesje; het diakenhuismannetje dat gespaard heeft voor zijn dooshemd

 

                           Grootmoeder Kegge; van haar is de ring die de stervende kleinzoon William Kegge weggaf aan Hildebrand

                           Dandy Van der Hoogen; maakt dochter Kegge het hof maar is uit op Suzette

                           Suzette Noiret; lieftallig en charmant, dandy Van der Hoogen is verliefd en bewandelt slinkse wegen

 

Op dertig meter afstand staat het geheel overziend, het beeld van verteller Hildebrand.

 

Het monument zou in Haarlem geplaatst worden, de geboorteplaats van Beets. Het maken van de beeldengroep en het realiseren van de plaatsing namen bijna vijftig jaar in beslag. Bronner bleef werken aan de beelden, ze werden gaandeweg gestileerder. In 1948 waren ze klaar en werden getoond op een expositie in het Stedelijk Museum van Amsterdam. Maar vanwege het moeizaam bijeenbrengen van gelden om het te plaatsen, duurde het nog tot 1962 voordat het monument onthuld kon worden.

 

 

                     

 

                           Ansichtkaart: het Hilderbrand-monument in Haarlem

 

Kalksteen

 

De beelden zijn uitgehakt in Frans Euville-kalksteen. De steensoort bleek niet goed bestand tegen weer en wind en ook vandalen beproefden de beelden. Na herhaaldelijke zware beschadiging zijn ze in 1983 vervangen door hardstenen kopieën. De originele beelden, eigendom van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, zijn in 1990 na restauratie en zonder fonteinbak herplaatst in Heino in de beeldentuin van museum het Nijenhuis. Zes fonteinbeelden en Hildebrand resteren, Suzette Noiret en dandy Van der Hoogen ontbreken zomer 2012.  Op een foto uit 1990 staat Suzette nog bij de groep, is ze toch geschaakt door de dandy?.

 

 

                                                

 

                                                                                                                             Links: Suzette Noiret  (Foto: 1990, Kunstbeeld)

 

 

 

 

Buikje, op de achtergrond Keesje en grootmoeder Kegge

 

 

 

                 

 

                    Keesje, het diakenhuismannetje

 

 

 

                              

 

                                                             grootmoeder Kegge

 

 

 

 

Robert Nurks

 

 

 

 

Teun de Jager

 

 

Vandalisme

 

Ook de hardstenen kopiën zijn niet meer. Vandalen maakten korte metten en de replica’s werden vervangen door kunststof exemplaren. Die bleken tot vreugde van de vernielers brandbaar en zodoende zat er voor de gemeente Haarlem in 2009 niets anders op de gesmolten en bekladde restanten weg te halen. Alleen Hildebrand staat nog hoog op zijn sokkel in de Haarlemmerhout, uitkijkend op een kale fonteinbak vol graffiti.

 

 

 


 

Jan Bronner (1881-1972)

 

 

Professor Jan Bronner was van 1914 tot 1947 leermeester van ruim 140 Nederlandse beeldhouwers als hoogleraar aan de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten. Hij was de grondlegger van ‘De Groep’: Groep van de figuratieve abstractie.

 

Hij vond een 'zinvol' beeld belangrijker dan een mooi beeld. Onder 'zinvol' verstond hij beeldhouwwerk dat in de architectuur is opgenomen: 'muurvast & gebeiteld'. Voor Bonner was beeldhouwkunst architectuur en architectuur beeldhouwkunst. Zijn motto en levensvisie: “Beeldhouwen is een vorm van leven”.

 

Door zijn perfectionisme heeft Bronner een klein oeuvre nagelaten.

 

Wikipedia

 

Links: Jan Bronner in ’De Prins’ van 7 november 1914. In het bijschrift wordt zijn opvolging van prof. Bart van Hove als hoogleraar aan de Rijksacademie gemeld. De tekst eindigt met:

“Van zijne werken dient in het bijzonder vermeld te worden zijn uitstekend ontwerp voor het Hildebrand-monument, dat door de jury eenparig uit een 25-tal inzendingen ter bekroning werd waardig geacht.”

 

 

 

 

 

 

 

 


 

Beeldenpark Kasteel het Nijenhuis te Heino, museum de Fundatie

 

Foto’s: juli 2012

 

 

Startpagina Buitenbeeldinbeeld

 

 

Startpagina Beeldentuin Kasteel het Nijenhuis, de Fundatie