Totem

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Totem door Alphons Freijmuth, 1999

 

 

Etnografische kunst

 

Begin jaren zestig zag Freijmuth in het Rijksmuseum een tentoonstelling over de Asmat-cultuur van Papua-Nieuw Guinea. Het maakte diepe indruk. Hij raakte erg geïnteresseerd in etnografische kunst en begon later te verzamelen. Zijn verzameling is breed. De beelden, maskers, schilden en schilderijen komen uit de binnenlanden van Afrika, Australië, de poolgebieden, de jungle van Irian Djaya, de kustgebieden van Nieuw-Guinea. Alles waar de kunstenaar tegenaan loopt en wat voor hem 'schoon en zuiver van expressie is', kan in zijn verzameling opgenomen worden.

 

Het latere werk van Freijmuth toont verwantschap met de primitieve kunst, een voorbeeld zijn de werken waarin totembeelden terugkomen. Volgens Freijmuth is de overeenkomst tussen een moderne en een etnografische kunstenaar duidelijk: "De mens is een goddelijk dier," zegt hij. "Hij kan gevoelens en gedachten vastleggen in een beeldende vorm. Als ik in een dor blok appelboomhout aan het hakken sla, gaat dat als het goed is leven."

 

 

 

 

 

Wie?

 

De bovenste kop met het duiveltje op zijn hoofd lijkt sprekend Simon Carmiggelt, de columnist van het Parool die in 1987 overleed. Wie kan, als dat zo is, de onderste kop in dat geval zijn? De opvolger van Carmiggelt als dagelijks columnist was Ischa Meijer, hij overleed in 1995. De onderste kop met scheel oog, scheve mond, satanische lach en scherpe tong representeert misschien deze ‘dikke’ man.

 

Een belangrijk persoon in het leven van Carmiggelt was zijn oudere broer Jan. Slechts één keer, in een interview met Ischa Meijer heeft Carmiggelt er iets over los gelaten. In 1999, het jaar waarin de Amsterdammer Freijmuth dit beeld maakte, is in de hoofdstad een theatervoorstelling opgevoerd gebaseerd op de relatie tussen de broers Carmiggelt.

 

 

 

 

Het beeld is een geschenk van de kunstenaar.

 

 

 

    

 

Twee hoofden

 

De kunstenaar was wellicht geïnspireerd door het schilderij ‘Deux têtes’ (Twee hoofden) door Karel Appel uit 1953.

 

Het schilderij van Appel behoort tot de collectie van het Guggenheim Museum in New York en werd zomer 2014 getoond in het Cobra-museum in Amstelveen.

 

Uit het bijschrift:

“Het hoofd is een terugkerend motief in Appel’s werk van de jaren ’50 en is hier prominent aanwezig in de  vorm van twee maskerachtige hoofden die zijn gestapeld in een totem-achtig verticaal formaat. Het dik beschilderde oppervlak en de sterke kleurcontrasten versterken de emotionele intensiteit van het werk.”

 

 

 

 


 

Alphons Freijmuth (1940)

 

Halverwege de jaren zestig, een periode van overwegend abstracte en conceptuele kunst, zijn verschillende kunstenaars op zoek gegaan naar een kunstvorm waarin weer plaats was voor figuratie. Inspiratie vond men, behalve in de kunsthistorische traditie, in het dagelijks leven. Het werk van deze kunstenaars wordt wel aangeduid met de term ‘Nieuwe Figuratie’.

(citaat uit: het Amsterdams Beeldenboek, 1996)

 

Alphons Freijmuth stond in de jaren zestig aan de wieg van de Nieuwe Figuratie. Naast Freijmuth namen gelijkgestemde kunstenaars waaronder Reinier Lucassen en Pieter Holstein de alledaagse onderwerpen als uitgangspunt om de werkelijkheid te vervormen en vervreemden. De kunstenaar is sindsdien consequent de ingeslagen weg gevolgd. een weg van tegenstellingen die in evenwicht worden gebracht: abstractie en figuratie, gevoel en rede, expressie en constructie.

 

www.freijmuth.nl

 

Wikipedia

 

 

 

 

 

 


 

Beeldenpark Kasteel het Nijenhuis te Heino, museum de Fundatie

 

Foto’s: juli 2012

 

 

Startpagina Buitenbeeldinbeeld

 

 

Startpagina Beeldentuin Kasteel het Nijenhuis, de Fundatie