Zeeuwsche boer

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zeeuwse boer door Han Wezelaar, 1931

 

 

Expressionisme

 

Eind 1924 vestigde Wezelaar zich in Parijs, waar hij tien jaar zou blijven. Hij volgde vanaf 1926 lessen bij Zadkine en voelde zich in die tijd aangetrokken tot de Belgische expressionisten.

 

In 1929 bracht hij de zomer door in Westkapelle, Zeeland en keerde terug naar de Franse hoofdstad met een stapel tekeningen van de locale Zeeuwse bevolking. Deze studies werkte hij uit in een tiental beelden, de laatste: deze staande boer uit 1931. De invloed van het Belgische expressionisme (Permeke, De Smet) is duidelijk zichtbaar. De teakhouten boer vormt de afsluiting van een periode.

 

 

 

                    

 

                                     terracotta,1929 (Foto’s: internet)      

 

Classicisme

 

Het jaar 1930 werd belangrijk voor Wezelaar, hij bezocht het atelier van Maillol en de confrontatie met zijn werk maakte diepe indruk. Hij was al aan het twijfelen of de bruuske en hoekige vormen van het expressionimse wel bij hem pasten en de klassieke vormen die hij bij Maillol zag en bewonderde, sterkte hem daarin.

 

Zijn heel vroege modernisme uit het midden van de jaren twintig zwoer hij later af, hij is realistisch gaan werken. Zijn vroege werk beschouwde hij later als een jeugdzonde.

 

 

 

 

 

 

Terug in Nederland

 

Najaar 1935 had Wezelaar zijn eerste tentoonstelling in Nederland en de kritieken waren lovend. Ook de houten Zeeuwse boer werd getoond:

 

             

 

                de Telegraaf, 15 oktober 1935                                                                                   

 

Citaten uit hetzelfde Telegraaf-artikel:

 

“Wij vernemen dat Wezelaar de leerling is geweest van den beroemden Zadkine, en aan sommige van zijn werken kan men dit ook wel bemerken, vooral in de houten beelden, waarin de techniek der vormgeving het duidelijkst zichtbaar is. Overigens is deze Nederlandsche leerling veel naturalistischer dan zijn meester.”

 

“In de houten figuur van den Zeeuwschen boer, met de afgezakte schouders, het stugge en taaie in het geheele wezen, den kop met het zelfde gerekte als het lichaam, en een soort afgezaktheid zelfs in de uitdrukking, in deze figuur is de bewerking van het hout, waarin nog iets van de verhoudingen van het oorspronkelijke blok meespreekt, veel duidelijker dan b.v. de techniek in de bronzen. Maar toch kan men gelukkig niet van tweeërlei manier spreken: model en materiaal bepalen het verschil. Maar wat voor dit werk zoo inneemt is, behalve de bijzondere deugden van de vormgeving, van de typeering, de uitdrukking der beweging en de uitdrukking van de levende stof, de onbevangenheid. Men voelt hier niet, dat er gezocht is, dat de maker zich geplaagd heeft, en, om met Mefisto te spreken, tot zichzelf ten slotte bravo gezegd heeft; men kan volstaan met te constateeren, dat alles er is, zooals het zijn moet, en dat de beeldhouwer gezegd heeft wat hij wilde zeggen.”

 

 

 

 

 

 

Het Vaderland was gematigder in zijn oordeel:

 

“Wat in het werk van dezen betrekkelijk jongen beeldhouwer opvalt, is de ambachtelijke instelling, het gaaf en eerlijk plastisch vermogen, de gezonde ontwikkeling van vormelijk en ruimtelijk gevoel. Het werk doet gekund en beheerscht aan, het is wat het zijn wil; het is ongeforceerd, zonder valsche spanningen, en het geeft niet meer dan het verantwoorden kan. [..] Men zou het werk meermalen nerveuzer, vuriger, expressiever wenschen en men kan zich dan ook indenken, dat Wezelaar in de toekomst nog een eind verder gaan zal, dan hij thans gaat. Maar zijn kunst is, nogmaals, wat zij zijn wil en zij verdient ook nu ter dege onze aandacht en waardering.”

 

 

     uit Het Vaderland, 14 oktober 1935

 

           

 

 

 

 

 


 

Han Wezelaar (1901-1984)

 

Wikipedia

 

In de nadagen van de Amsterdamse School introduceerde Han Wezelaar een op de moderne Franse autonome beeldhouwkunst geďnspireerd classisisme. Dat is belangrijk geweest voor de ontwikkeling van de beeldhouwkunst in Nederland. In deze zogenoemde bevrijding van het beeld en in de verdere emancipatie van de nog jonge sculptuur in Nederland heeft Wezelaar een hoofdrol gespeeld: als kunstenaar, organisator en communicator. Wezelaar werd voor de oorlog gezien als ‘rising star’, maar na de oorlog sloeg de tendens over naar abstracte kunst en behoorde hij niet langer tot de voorhoede.

 

 

 

 

 

 

 


 

Museum de Fundatie, Zwolle

 

Foto’s: februari en december 2015

 

 

Startpagina Buitenbeeldinbeeld

 

 

Startpagina Beelden in Museum de Fundatie