Menagerie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Babij door Joseph Mendes da Costa, ca 1901 (grès cérame)

 

 

Tot 1910-11 bezocht Mendes da Costa vaak de dierentuin Artis in zijn woonplaats Amsterdam. Hij bestudeerde de ‘collectie’ en zijn waarnemingen werkte hij uit in beeldjes. Vooral de aap was een geliefd thema. Omdat hij beschouwd werd als “de meest bekwame kunstenaar in het zorgvuldig en mooi weergeven van vormen en figuren van mensen en dieren” ontving Mendes in 1914 ter gelegenheid van het 300-jarig bestaan van de ‘Groningsche Hoogeschool’ een eredoctoraat in de plant- en dierkunde. De architect Berlage werd bij die gelegenheid doctor in de Nederlandse letterkunde.

 

 

 

 

Schotel met zowel in de rand als in het midden neusbeertjes, 1897 (aardewerk)

 

Zoogdieren anders dan aapjes maakte de beeldhouwer zelden. Bekend zijn beeldjes van / gebruiksgoed met kameelachtigen (kameel, dromedaris en lama) en een prairiehond. Op deze schotel staan neusbeertjes.

 

 

 

 

De schotel is eigenlijk een misbaksel, de groene kleur is bij het bakken uitgelopen.

 

 

 

 

Uiltje (spaarpot), ca 1900 (grès cérame)

 

Grès cérame

 

In 1898 bouwde Mendes in zijn atelier een oven waarmee hij met hoge temperaturen kon werken. Dat maakte het bakken van gres mogelijk, een product dat wat hardheid betreft tussen porselein en aardewerk in ligt. Hij experimenteerde met glazuren, waaronder zoutglazuur dat het oppervlak gladder maakt. Het zoutglazuur is ontdekt in de middeleeuwen en is een van de weinige Europese keramische vondsten. Er is vakmanschap voor nodig om goed resultaat te behalen; de baktemperatuur en de hoeveelheid zout  en zuurstof zijn bijvoorbeeld belangrijk.

 

De Telegraaf schreef bij de bespreking van een expositie in 1938: “Mendes heeft in dien tijd tallooze proeven genomen, tal van keeren zijn bij het bakken zijn scheppingen mislukt en ingewijden weten, hoe het zijn vrouw is geweest, die den vaak moedeloozen kunstenaar tot doorzetten heeft weten te brengen.”

 

 

 

                 

 

Uil door Joseph Mendes da Costa, 1912; in het tijdschrift Nederland, jrg 77 (schatting van de KB:

uit 1925) wordt de uil aangeduid als een oehoe. De afgedrukte illustratie was overgenomen uit ‘Plastische Kunst in huis’.

 

In 1912 werd in een krantenarikel (Algemeen Handelsblad, 8 maart) de leeftijden behandeld die de oudste dieren in Artis bereikten: “welke oudjes zijn in onzen dierentuin nog in leven?”  Citaat: “Maar daar naast leven ook nog in statigen ouderdom in ‘Artis’ de Oehoe (Groote-Hertog Uil) een Europeesche soort die 40 jaren telt”. Mendes da Costa was een fervent Artis-bezoeker. Gezien de krantenfoto uit 1927 (onder) zou Mendes deze dierentuinsoort verbeeld kunnen hebben.

 

 

 

 

 


 

Joseph Mendes da Costa (1863-1939)

 

Wikipedia      

 

 

Joseph Mendes da Costa werd vooral bekend door het vervaardigen van beelden en ornamenten voor gebouwen. Hij was van 1886 tot 1887 lid van de kunstenaarsgroep "Labor et Ars", die later de representanten zouden worden van de Nederlandse variant van de Art Nouveau.

 

Hij is de wegbereider geweest voor de 20e-eeuwse kunst in Nederland, doordat hij als eerste beeldhouwer een monumentale, symbolistische stijl van strakke lijnen en heldere vlakken ontwikkelde.

 

 

 

 

 

 

 


 

Gemeentemuseum, den Haag

 

Foto’s: mei 2015 en december 2016

 

 

 

Startpagina Buitenbeeldinbeeld

 

 

Startpagina Beelden in Gemeentemuseum, Den Haag