Barbara Hepworth

 

Sculpture for a Modern World

 

 

 

Kröller-Müller Museum, Otterlo, DeHoge Veluwe

 

winter 2015-2016

 

 

 

 

                                    Vroeg werk van Hepworth en tijdgenoten, begin 20e eeuw

 

                                                                                                                           

 

Modernisme

 

De Engelse beeldhouwster Barbara Hepworth (1903-1975) werd geboren in Yorkshire en woonde en werkte de eerste vijftien jaar van haar carrière in Londen. Maar vanwege de oorlog verhuiste ze naar St. Ives in Cornwall waar ze de rest van haar leven doorbracht. Curator Penelope Curtis (Tate, Londen) meent dat Hepworth daardoor onterecht slechts een nationale of zelfs provinciale betekenis dreigt te krijgen. Met deze expositie (achtereenvolgens Tate in Londen, Kröller-Müller in Otterlo en Arp Museum Bahnhof Rolandseck in Remangen) moet de naam van Barbara Hepworth weer internationaal (her)gevestigd worden als avant-gardist. Ze heeft een oeuvre van rond 600 werken nagelaten.

 

De ondertitel van de tentoonstelling over Hepworth luidt ‘Sculpture for a Modern World’. Medecurator Chris Stephens (Tate, Londen) gaf aan dat het bij Hepworth niet alleen gaat om modern beeldhouwwerk, maar ook om ‘moderne ideeën. “That movement in the 30s was about freeing art from everyday reality. They came together in response to the advance of nationalism, initially through letters and journals and then literally, as everyone flees Europe and ends up in Hampstead [wijk in Londen waar Hepworth woonde] for a while.”

 

 

 

 

 

                                                                                                             Moeder en kind, 1934

 

 

 

 

                                                                                                             Moeder en kind, 1934

 

 

Vrouw

 

Een vrouw in de beeldhouwkunst had het niet gemakkelijk. Hepworth zei daarover in1966: “There is a deep prejudice against women in art. Many people – most people still, I imagine – think that women should not involve themselves in the act of creation except on its more trivial fringes. They still think of sculpture as a male occupation: because, I suppose, they have a misconception of what sculpture involves. There is this cliche, you see, a sculptor is a muscular brute bashing at an inert lump of stone, but sculpture is not rape. No good form is hacked. Stone never surrenders to force.”

 

Maar Hepworth was geen feministe, ze verklaarde in 1973:  “I hadn’t much patience with women artists trying to be women artists. At no point do I wish to be in conflict with any man or masculine thought … Art is anonymous. It is not competition with men. It’s a complementary contribution.”

 

 

 

 

                                                                                                  Sculpture with profiles, 1932

 

 

 

 

                                                                                                                       Two forms, 1935

 

 

Internationaal

 

Van haar hand staan tien werken in de publieke ruimte buiten Engeland. Hepworth heeft één buitenlandse opdracht gekregen. In 1964 werd op het plein voor het gebouw van de Verenigde Naties in New York het beeld ‘Single form’ onthuld, het was een eerbetoon aan de overleden secretaris-generaal Dag Hammarskjöld waarmee ze bevriend was geweest.

 

In zestien landen buiten Engeland is haar werk opgenomen in museale collecties, het Kröller-Müller Museum maakt daar prominent deel van uit met veertien werken.

 

 

 

 

                                                                                                             Oval sculpture, 1943

 

 

 

 

                                                                                                             Phira, 1955

 

 

Kröller Müller Museum

 

Het Kröller Müller bezit veertien werken van de Engelse beeldhouwster waarvan negen geplaatst zijn in het Rietveldpaviljoen. De toenmalige directeur van het museum, Bram Hammacher, was een liefhebber van haar werk, hij schreef in 1968 een boek over de kunst van Hepworth. Zijn opvolger Oxenaar schreef na de verwerving van zeven beelden van Hepworth: “Daarmee wordt doelbewust een beleidslijn van mevrouw Kröller-Müller voortgezet, die er op gericht was om van een beperkt aantal kunstenaars grotere groepen van werken bijeen te brengen als karakter bepalende kernen van de verzameling.”

 

In 1965 kreeg Hepworth voor het eerst een solo-expositie op het Europese continent. Met  45 beelden was zij vertegenwoordigd in het paviljoen van Gerrit Rietveld in de beeldentuin en in enkele zalen van het Kröller-Müller. In het paviljoen staan sindsdien haar beelden permanent opgesteld.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

Tentoonstelling ‘Barbara Hepworth’, Kröller-Müller Museum, winter 2015-2016

 

Foto’s: maart 2016

 

 

 

 

 

 

Startpagina Buitenbeeldinbeeld

 

 

Startpagina Hepworth