Rebel in Art & Soul

 

Yubi Kirindongo

 

Museum Beelden aan Zee, 2014

 

 

 

 

                                                                                         Blind mans eyes, 1998

 

Recycling

 

Na een jarenlang verblijf in Nederland keerde Hubert (roepnaam Yubi) Marcolina Kirindongo in december 1976 terug naar zijn geboorte-eiland Curaçao. In Nederland volgde hij een opleiding tot schilder maar op Curaçao gooide de kunstenaar het roer om nadat hij toevallig tegen een partij verchroomde autobumpers aanliep. Met dat materiaal begon hij ruimtelijk te werken en de ‘bumperkunst’ was geboren. Kirindongo werd geïnspireerd door Maximiliano Nepomuceno (1908-1975), een kunstenaar die als een van de blekero op het eiland uit blikjes kunstwerken knipte.

 

De blekero op Curaçao waren handwerklieden die huishoudelijke gebruiksvoorwerpen maakten uit weggegooide blikjes. Nepomuceno creëerde daarnaast gefantaseerde taferelen uit de blikken met behulp van schaar, tang, pincet en ijspriem. Kirindongo borduurde verder op de gewoonte alles te recyclen. “Thuis werd ook alles opnieuw gebruikt. Een leeg papblik werd een theepot.”

 

 

 

 

 

 

Nederland – Curaçao

 

Begin 1976 kreeg de dan in Nederland gevestigde Kirindongo een tentoonstelling in een galerie op Curaçao, er hingen 21 schilderijen van zijn hand. Toen de kunstenaar zijn tentoonstelling bezocht, was dat niet met de bedoeling zich weer op Curaçao te vestigen. Twee jaar later vertelde hij de krant Amigoe hoe het verder ging.

 

“Ja, eigenlijk kwam ik met vakantie, maar uiteindelijk: t’aki mi lombrshi ta derá, ik wil niet meer terug naar Nederland ondanks de betere sociale voorzieningen die je daar hebt. Trouwens, ik voelde me daar al een tijd een soort indringer. Als je een beetje trots bent, een beetje karakter hebt ben je wel gedwongen je af te gaan vragen wat je zoekt in een land dat zo neerkijkt op alles wat een gekleurde huid heeft. Je krijgt wel van alles misschien, maar met zo’n tegenzin en duidelijke minachting dat je er toch geen plezier meer in hebt. Daarnaast had ik ook het gevoel: als je te lang wegblijft van Curaçao is er misschien geen plaats meer als je een keer terugwil. Nee, ik wil ondanks alle struggle hier niet meer weg. Curaçao is een paradijs weet je dat? Ondanks alle armoede heb je hier meer de kans om mens te zijn dan daar.”

 

 

 

 

 

Bumperkunst

 

Voor velen is Kirindongo de ´bumperman´, maar al in 1984 schreef de Amigoe dat hij ervan afgestapt was. Tegen een kunstcriticus van dezelfde krant vertelde hij in 1995 dat hij het moe was (‘Kansa mi’). Het materiaal werd ook zeldzamer, dergelijke bumpers worden niet meer gemaakt. Toch maakt hij nog af en toe bumperwerk getuige de beelden op deze tentoonstelling.

 

Kirindongo werkt met allerlei afvalmateriaal, zoals autobanden, oud ijzer en handwerktuigen. Voor de Biennale van Johannesburg in 1995 maakte hij ‘Vital revival’, een object dat bestaat uit gereedschappen voor het ontginnen, zaaien en oogsten. Het kunstwerk is een ode aan deze gereedschappen die van vitaal belang waren voor het overleven van de mens. Kirindongo ziet in werktuigen als pikhouwelen en spaden ook een verbinding met zwaar werk en slavenarbeid. In 1999 maakte hij het uit pikhouwelen opgebouwde werk ‘Blood, sweat and tears’, een verwijzing naar de slavernij.

 

 

 

 

                                                                    Minicar, 1978                                                           Chevrolet Camaro, 1986

 

Manier van leven

 

Kirindongo: “Ik heb voor dit vak gekozen omdat ik kan werken wanneer ik wil. Ik werk om te leven. Mijn hardnekkige koppigheid heeft ervoor gezorgd dat ik op dit pad ben gebleven.”

 

Kunst maken is voor Kirindongo een way of life. “Iets is kunst als het wat met je doet. Het roept een emotie bij je op. Het raakt je, ontroert je. Dat bepaalt niet de kunstenaar maar degene die het kunstwerk ervaart.”

 

 

 

                                                                                  Equus, 2010

 

 

Yubisme

 

In 1992 had Kirindongo een solo-tentoonstelling in een galerie in Willemstad op Curaçao. De krant Amigoe wijdde er een artikel aan (14 maart) met de kop ‘Yubisme: bumpers als sterren’. De eerste opdrachtgever van de kunstenaar, Pieter Tuin, hield de openingstoespraak en probeerde daarin Kirindongo onder te brengen in een kunststroming. Maar dat wilde niet lukken en hij stelde tenslotte een nieuwe kunstrichting voor: het Kirindongoïsme.

 

Maar de beeldhouwer was het er niet mee eens. “Hij moest een Yubisme-stroming nog waarmaken, en zolang hij (gelukkig) geen navolgers vindt, hier of in het buitenland, zal er geen sprake zijn van een stroming”, rapporteerde de krant. Aan het einde van het stuk noteert de scribent: “Het werk van Yubi Kirindongo is plezierig om naar te kijken, het schittert op zijn eigen wijze. Misschien is Yubisme toch niet zo’n gek woord?

 

De kunstenaar lijkt dit ter harte genomen te hebben want ter gelegenheid van het retrospectief in Museum Beelden aan Zee in 2014 zegt hij: “Mijn stijl heb ik het Yubisme genoemd. Iedereen moet een ‘isme’ hebben, kubisme, fauvisme, zelfs chauvinisme. Mijn Yubisme is gebaseerd op de afgedankte spullen van de wegwerpmaatschappij. De restjes van de consumptiemaatschappij, die zijn voor mij.”

 

 

 

 

                                    Doggy dog, 1991

 

 

 


 

Yubi Kirindongo (Curaçao, 1946)

 

Tentoonstelling ‘Rebel in Art & Soul’ in Museum Beelden aan Zee, februari t/m mei 2014

                                                                                                                                       ruim vijftig werken werden getoond

 

Foto’s: april 2014

 

 

 

 

Startpagina Buitenbeeldinbeeld

 

 

Startpagina Yubi Kirindongo