Kröller-Müller

                                                                                                            beeldenpark

 

Otterlo, De Hoge Veluwe

 

 

 

 

 

 

Blijvend monument

 

Helene Müller (1869-1939), Duitse van origine, trouwde in 1888 met de Nederlandse zakenman Anton Kröller. Begin 20e eeuw volgde ze lessen kunstbeschouwing bij kunstcriticus Bremmer en ging snel daarna kunst verzamelen. Haar interesse was breed. Ze kocht zowel schilderijen, tekeningen en prenten als beelden, van zowel Nederlandse als buitenlandse kunstenaars, en zowel oude als hedendaagse kunst.

 

Aan het begin van de vorige eeuw kocht het echtpaar grote stukken land op de Veluwe en maakte er een parkachtig landgoed van. Behalve voor privé-gebruik diende het ook op termijn een ander doel: het scheppen van een ‘blijvend monument waar natuur en kunst op zeldzame wijze vereenigd zijn.’ Dat lukte in 1935, het landgoed werd overgenomen door de Stichting Het Nationale Park De Hoge Veluwe en was vanaf dat moment publiekstoegankelijk.

 

Het rijk ondersteunde de bouw van een museum voor de kunstcollectie van de Kröllers dat in 1938 opende en de Kröllers schonken de collectie aan het rijk. Huisvriend en architect Henry van de Velde ontwierp het logo voor het museum met de St. Hubertuslegende als uitgangspunt. Het bestaat uit een wit kruis in een geabstraheerd gewei op een blauwe achtergrond.

 

Een uitspraak van Helene Köller-Müller: ‘De mens is toch per slot wat hij achterlaat.’

 

 

 

 

het logo ontworpen door Henry van de Velde, 1937-38

 

 

Beeldenpark

 

De nadruk bij het verzamelen lag bij Helene Kröller-Müller op de ontwikkelingen in de schilderkunst, na de oorlog werd door haar opvolgers het accent verschoven naar de ontwikkelingen in de beeldhouwkunst. Het huidige beeldenpark is in drie fasen opgebouwd. In de vijftiger jaren ontwikkelde directeur Bram Hammacher het eerste deel van het beeldenpark. Direct achter het museum werd het gebied ingericht en beelden van onder anderen Auguste Rodin, Jacques Lipchitz, Aristide Maillol en Henry Moore geplaatst. In de daarvoor ontworpen vijver kreeg ‘de zwaan’ van Marta Pan zijn plek. In 1961 opende het park.

 

Rudi Oxenaar (directeur vanaf 1963) breidde het park uit. Beeldhouwers als Cornelius Rogge, André Volten, Richard Serra en Jean Dubuffet werden uitgenodigd werken voor speciaal daarvoor uitgekozen plekken te maken. Daarmee werd hun werk onderdeel van het landschap. Zijn opvolger Evert van Straaten (directeur van 1990-2012) breidde ook uit. Hij zag het park als een landschap van verbeelding en gaf ruim baan aan projecten van kunstenaars als Joep Van Lieshout, Tom Claassen, Krijn Giezen en Chris Both. Het beeldenpark is nu ca 25 ha groot, er staan ruim 100 beelden.

 

Beeldhouwkunst vanaf Rodin,

                                   de abstracte poot

 

De collectie laat de ontwikkeling van de beeldhouwkunst vanaf Rodin zien. Auguste Rodin wordt algemeen beschouwd als het vertrekpunt van de verschillende stromingen die opgang deden in het begin van de 20e eeuw, hij wordt gezien als de grondlegger van de moderne beeldhouwkunst. Oxenaar koos ervoor de collectie uit te breiden met werk dat was ontstaan uit rationaliteit, evenwichtigheid en beheersing. Kunstrichtingen als Minimal art, Art pauvre, Zero, Nul-beweging en het constructivisme kregen alle aandacht. Kunst ontstaan uit emotie, bewogenheid en uitbundigheid liet hij links liggen. Beelden van Cobra zijn bijvoorbeeld niet vertegenwoordigd in de verzameling.

 

In navolging van Helene Kröller-Müller die van enkele kunstenaars (m.n. Vincent van Gogh) veel werken aankocht, is bij het samenstellen van de collectie beeldhouwkunst ook de diepte gezocht bij enkele beeldhouwers. Zo bevinden zich bijvoorbeeld van Jacques Lipchitz, Barbara Hepworth, Andre Volten, Carel Visser en Joost van den Toorn een ruim aantal werken in de verzameling.

 

Anno 2012 zijn Tom Claassen en Liet Heringa de jongste beeldhouwers die in de beeldentuin vertegenwoordigd zijn. De kunstenaars zijn van resp. 1964 en 1966.

 

 

 

 

 

 

Paviljoens

 

In het park staan twee paviljoens, het zijn architectonisch belangrijke bouwwerken:

 

 

 

Gerrit Rietveld

 

Gerrit Rietveld (1888-1964) maakte in 1955 een paviljoen voor de beeldententoonstelling in het park Sonsbeek bij Arnhem. Het was bedoeld als een eenmalig en tijdelijk bouwsel, maar het werd tien jaar later weer opgebouwd in het Kroller-Muller en kreeg daarbij de naam Rietveldpaviljoen. Inmiddels is het twee keer vernieuwd.

 

 

 

 

                                                               het Rietveld-paviljoen

 

 

 

 

 

Aldo van Eyck

 

De Nederlandse architect Aldo van Eyck (1918-1999) ontwierp voor de beeldententoonstelling van 1966 in het park Sonsbeek een paviljoen dat diepe indruk maakte. Het is in 2005-2006 herbouwd in het Kroller-Muller. Er worden relatief kleine en kwetsbare plastieken uit de collectie in wisselende samenstelling getoond. 

 

 

 

 

                                                               het Aldo van Eyck-paviljoen

 

 

 

 


 

Startpagina Buitenbeeldinbeeld

 

 

Startpagina beeldenpark Kröller-Müller