Marie-Lou

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Marie-Lou door Constant Permeke, 1937-38

 

 

In de jaren 1936-37 begon de bij zijn leven al zeer gewaardeerde tekenaar en schilder Permeke te experimenteren met beeldhouwen. Eind 1938 drong de ommekeer tot de media door en niet veel later, begin 1939, presenteerde hij voor het eerst werk aan het publiek. Marie-Lou, ruim 2,5 meter hoog, was zijn eerste monumentale werk en ook dit beeld werd getoond op de expositie in ‘het Paleis van Schoone Kunsten’ te Brussel. Er was vooraf grote twijfel of de schilder zou overtuigen als beeldhouwer:

 

 

 

                                                                                                                                                                                    Elsevier, januari 1939

 

Over het resultaat verschillen de meningen. Het Vaderland gaf aan:  “men vindt in den beeldhouwer Permeke ontegenzeggelijk elementen van den schilder Permeke terug” en “Hij beeldhouwt, zooals hij schildert, en hij teekent, zooals hij beeldhouwt, met hetzelfde enthousiasme, met dezelfden dwang, momenteel nog niet, maar wellicht weldra ook met dezelfde vaardigheid.”

 

 

    

 

       Atelier van Permeke in 1938                                                                                     Tentoonstelling 1939, Brussel

 

 

Elsevier dacht er anders over: “Permeke’s beelden maken een geweldigen indruk. En het verbazende is, dat ze in niets doen denken aan Permeke den schilder. Velen hadden zich er aan verwacht, dat althans de motieven van zijn plastiek aan den teekenaar en den schilder zouden herinneren. [..] Maar geen sprake van boeren of zeelieden: wel koppen, maskers en, vooral, meer dan levensgroote vrouwenfiguren. En het eerste dat mij trof, als ik deze reusachtige gestalten vóór mij zag, was, dat ze ook naar den stijl weinig met Permeke’s figuurconceptie, zooals wij die uit zijn werk tot nu toe kennen, gemeen hebben. [ ..] Wat een onthutsende, bijna woeste grootheid gaat er van zeker dier vrouwengestalten uit!” De bespreking eindigt met:

 

 

 

 

 

 

                      1938

 

 

In Jabbeke bevindt zich een Marie-Lou in kunststeen en een halve in gepatineerd gips. Het beeld is ook in zesvoud in brons gegoten. Beeldenpark Middelheim heeft nummer twee uit de serie.

 

 

 

Marie-Louise

 

In 1925, na de dood van zijn moeder, kocht Permeke een boot, noemde hem ‘de Zeeuw’ en bevoer de zee en de Vlaamse en Hollandse vaarten. Hij legde geregeld aan in de Lovaart bij Lo waar hij bevriend was met de familie Camerlynck. Eén van de dochters heette Marie-Louise (1906-1993).

 

 

                                      

 

                                       V.l.n.r: Maria Delaere (echtgenote Marietje), Marie-Louise

                                       Camerlynck en Constant Permeke. Foto: begin 30er jaren

 

Modellen

 

Voordat Permeke zich toelegde op het beeldhouwen, schilderde en tekende hij voornamelijk zeezichten en landschappen, anonieme vissers, vissersvrouwen, boeren en boerinnen. Met de eerste beeldhouwwerken kwamen ook de vrouwelijke naaktstudies veelvuldig in zijn werk. Permeke was niet in de ban van een enkele muze, hij maakte gebruik van verschillende modellen. De meeste werken dragen anonieme titels als ‘Liggend naakt’, ‘Staand naakt’ en ‘Schone slaapster’, een enkele keer wordt ook de naam van het model vermeld. In zijn eerste beeldhouwjaar maakte Permeke het beeld Marie-Lou en volgens een krantenverslag het ‘vrouwenstatuut Catherine’.

 

Van na de oorlog zijn meer namen bekend. Marie-Louise Deschacht (1930-2000) vertelde als vijftienjarig meisje model te hebben gestaan voor Niobe. Ze woonde destijds in Stalhille, een deelgemeente van Jabbeke. In 1946 werd Zulma, waardin van de herberg St. Hubert in Jabbeke, getekend en daarmee vereeuwigd, Ludwine en Simonne volgden in 1948. Lea was, evenals Georgette, model in 1949 en zij  gaf haar naam aan minstens een houtskooltekening, een olieverf en een sculptuur.

 

 


 

Constant Permeke (België, 1886-1952)

 

Wikipedia

 

Permeke wordt beschouwd als de hoofdfiguur van het Vlaams Expressionisme. Zijn figuratieve schilderingen zijn gebaseerd op het vissersbestaan en het landelijk leven rondom hem, maar tonen een vervormde expressieve werkelijkheid. Zijn huis ‘De Vier Winden’ in Jabbeke West Vlaanderen is ingericht als museum en daar bevinden zich ook bijna al zijn sculpturale werken.

 

 

 

 

 

 

 


 

Jabbeke, België    Huis ‘De Vier Winden’

 

Foto’s: juni 2012

 

 

 

Startpagina Buitenbeeldinbeeld

 

 

Startpagina Permeke in Jabbeke